Lakken van Teakhout

Lakwerk op massief teakhout van gevelbetimmeringen, kozijnen, voordeuren of plezierjachten leidt nogal eens tot teleurstellingen. Teak, en ook iroko, zijn houtsoorten die vettige inhoudstoffen en zuren (waaronder kiezelzuur) bevatten. Dat kan na het lakken problemen veroorzaken, zoals trage droging, verkleuring, blaasvorming en zelfs onthechting en afbladdering. Bovendien zijn het houtsoorten met een grove nerf, wat ook een nadelige invloed kan hebben op de duurzaamheid van het totale laksysteem. Een goed en betrouwbaar eindresultaat staat of valt dan ook met de juiste voorbehandeling en een zorgvuldige uitvoering van het lakwerk.

De voorbehandeling

Droog: zorg dat het te behandelen teak oppervlak altijd goed droog is. Het vochtgehalte mag niet meer bedragen dan 17%. Vooral bij stuiknaden en bij aanhechtingen kan hout langer vochtig blijven. Dit zijn dan ook vaak de latere probleemgebieden van het laksysteem. Om deze delen toch goed te laten drogen kan een föhn worden gebruikt.

Ontvetten: teakhout en vooral het hout van oudere teakbomen heeft een bijzonder
dichte structuur waardoor de lak slechts beperkt in de nerf kan trekken. Om toch een goede hechting te krijgen moet het kale hout daarom vooraf met ruime hoeveelheden vluchtig oplosmiddel worden afgenomen, bijvoorbeeld met wasbenzine, thinner of aceton. Met het vluchtige oplosmiddel wordt het hout goed verzadigd en tijdens het verdampen van het oplosmiddel wordt vettigheid meegetrokken. Draai en verwissel de doeken regelmatig om de vettigheid ook echt te verwijderen en niet alleen maar te verplaatsen. Bedenk wel dat ook uw handen hierbij ontvet zouden worden en bescherm uw huid daarom met een oplosmiddelbestendige handschoenen en/of een goede beschermende huidcrème. Maak op teak geen gebruik van water aangezien dit de in het hout aanwezige stoffen kan activeren.

Gladschuren: Nadat het oplosmiddel volledig is verdampt, dient het oppervlak mooi glad geschuurd te worden. De houtnerven dienen volledig te worden afgevlakt om een gelijkmatige laagvorming te bereiken en daarmee een optimale duurzaamheid. Op een grove nerf, zoals bij teakhout, vloeit de lak grotendeels naar de lagere delen, waardoor de hogere nerfdelen weinig lak overblijft en zich daar slechts een dunne laag vormt. Bovendien wordt bij het schuren tussen de lagen telkens van de hoge kanten en de zijkanten van de nerven nog wat lak weggeschuurd. Hierdoor ontstaat op verhoogde delen uiteindelijk slechts een relatief dunne laag. Het zijn echter juist deze delen die het meest aan de weersinvloeden zijn  blootgesteld. Dit zal negatief uitwerken op de levensduur van het totale systeem. Om dezelfde reden dienen scherpe kanten en randen te worden afgerond.
Schuur kaal teak met droog schuurpapier in de richting van de nerf, in schuurgangen oplopend van korrel 100 tot 220. Indien nodig kan zelfs vanaf korrel 60 geschuurd worden. Oppervlakkige vergrijsde plekken zullen veelal door schuren verwijderd worden. De dieper zittende zwarte verweringsplekken zijn moeilijker te behandelen.

Deze zwarte plekken bestaan uit aangetast (lees: half verrot) hout en dienen te worden uitgestoken tot het gezonde hout zichtbaar wordt. Het uitsteken leidt uiteraard tot een oneffenheid in het oppervlak. Afhankelijk van de diepte kunnen de oneffenheden met meerdere lagen vernis worden opgevuld. Bij zwaar aangetaste, diepe plekken, kan het hout gevuld worden met vloeibaar hout of epoxyhars eventueel gemengd met wat schuurstof. Zorg dat eventuele reparaties goed hechten en ook mooi glad geschuurd zijn.
Schuur tussen de lagen zo min mogelijk om de laagdikte zo goed mogelijk op te bouwen, maar volg wel de aanwijzingen van de fabrikant van de lak op, omdat sommige lakken meer tussenschuren vereisen dan andere.
Nogmaals ontvetten: Nadat alle schuurstof is verwijderd, het oppervlak nogmaals ontvetten om eventueel dieper gelegen vette substanties alsnog te verwijderen. Nadat het oplosmiddel volledig is verdampt, is de voorbehandeling eindelijk voltooid.

 

Het laksysteem



Er is op teakhout een aantal verschillende laksystemen mogelijk. De keuze wordt bepaald aan de hand van de overwegingen die men heeft ten aanzien van onder andere het gewenste uiterlijk, de mechanische belasting, de weer- en zonlichtbelasting, de verwerkingsomstandigheden en de hoeveelheid tijd of geld die men aan het aanbrengen en het onderhouden van het systeem wil besteden.

1. Blanke 1-Komponentige Vernis
het eenvoudigste systeem, ieder jaar onderhouden

2 . Blanke 2-Komponentige P.U. Vernis, al dan niet met u.v.-filter,
duurzaam en sterk, maar lastig aanbrengen door tweede component

Het lakken

De verschillende lakken dienen te worden verwerkt volgens de aanwijzingen van de betreffende fabrikant. In het algemeen geldt echter dat de eerste lagen zo goed mogelijk in het hout moeten dringen en daarom sterk moeten worden verdund. Dit kan zijn tussen 20 en 25 %. Na de eerste lagen zal de houtvezel zijn opgewerkt. Na dit te hebben gladgeschuurd dient verder tussenschuren tot het minimum te worden beperkt om een goede laagdikte en laagopbouw te bereiken. In het algemeen is tussenschuren ook technisch niet nodig, wanneer de lagen zo kort mogelijk na elkaar worden aangebracht. Dit kan echter per product verschillen, zie daarom ook de aanwijzingen van de fabrikant. De meest gelijkmatige laagopbouw wordt bereikt door meerdere dunne lagen aan te brengen in plaats van enkele dikke.

Periodieke controle en tijdig onderhoud

Blanke laksystemen blijven fraaie, maar kwetsbare systemen. Nog meer dan voor andere verflagen, geldt voor de levensduur van een blank systeem “kleine oorzaken, grote gevolgen”. Een kleine beschadiging of een iets te laat ondernomen onderhoudsbeurt kan een zorgvuldig opgebouwd en verder prima functionerend systeem ruïneren. Periodieke controle en tijdig onderhoud is dan ook onontbeerlijk om het in tact te houden en er gedurende vele jaren van te kunnen genieten.

De procedure is simpel en dient te bestaan uit:

-    het jaarlijks inspecteren van het systeem op laagdikte verlies (met name op scherpe kanten), glansverlies, beschadigingen en het voorkomen van haarscheuren.
-    Het repareren en (eventueel plaatselijk) overlakken van aangetaste of beschadigde delen.

Teakdekken en –vlonders niet lakken om de goede antislip eigenschappen van teak te behouden.